Principeakkoord – Nederlandse Universiteiten

18 mei 2020

De hieronder vermelde informatie berust niet op definitieve cao-bepalingen, maar zijn de belangrijkste uitkomsten van de onderhandelingen tussen partijen die deels nog aan de betrokken leden ter goedkeuring moeten worden voorgelegd.

Algemeen

De cao heeft een looptijd van 1 januari 2020 tot en met 31 december 2020.

Lonen

De lonen worden verhoogd per:

01-06-2020

3,00%

Eenmalige uitkering

In juni 2020 ontvangen universitaire werknemers *), die op 1 juni 2020 een dienstverband bij een Nederlandse Universiteit hebben een eenmalige uitkering van bruto € 750,00 bij een dienstverband met de volledige arbeidsduur, bij werknemers in deeltijd wordt een bedrag naar rato van de omvang van het dienstverband toegekend.

*) Met uitzondering van (SOM-)leerlingen en werknemers met een minimum(jeugd)loon (waaronder de werknemers met een arbeidsbeperking werkzaam in het kader van de Participatiewet). Voor werknemers in jeugdschalen geldt dat de eenmalige uitkering naar rato van hun schaalbedrag wordt uitbetaald. Voor werknemers met een Wajong-uitkering geldt dat de werkgever de eenmalige uitkering achterwege kan laten wanneer dit in het belang van deze werknemer is.

Arbeidsduur

De pilot Regeling Vitaliteitspact, zoals vastgelegd in de artikelen 6.13 tot en met 6.16 van de cao Nederlandse Universiteiten, wordt onder gelijke voorwaarden verlengd met achttien maanden. Dit betekent dat de pilot wordt verlengd tot en met 31 december 2021. In lijn hiermee worden de data in het eerste lid van de artikelen 6.15 en 6.16 van de cao aangepast: • 6.15 lid 1 cao: Deelname aan deze regeling is mogelijk vanaf 1 januari 2019 tot 31 december 2021. De feitelijke deelname aan de regeling dient uiterlijk 30 december 2021 te starten en duurt tot het einde van het dienstverband, doch uiterlijk tot het bereiken van de AOW-gerechtigde leeftijd. • 6.16 lid 1 cao: Cao-partijen evalueren de regeling tussentijds voor het einde van de looptijd van deze cao op in ieder geval budgetneutraliteit, en effecten op de in- en doorstroom en op de werkdruk. Voor 1 oktober 2021 volgt een definitieve evaluatie.

Bron: VSNU, 07-05-2020