Principeakkoord – Timmerindustrie

17 december 2020

De hieronder vermelde informatie berust niet op definitieve cao-bepalingen, maar zijn de belangrijkste uitkomsten van de onderhandelingen tussen partijen die deels nog aan de betrokken leden ter goedkeuring moeten worden voorgelegd.

Algemeen

De cao heeft een looptijd van 1 augustus 2020 tot en met 30 november 2021.

Naast de cao Timmerindustrie (waarin de arbeidsvoorwaarden) bestaan ook de cao SWT (Sociaal en

Werkgelegenheidsfonds Timmerindustrie, waarin de bedrijfstakeigen regelingen) en de cao PAWW (Private Aanvulling WW&WGA). De looptijd van de cao SWT blijft onveranderd 1 april 2019 tot en met 31 maart 2024.

De cao PAWW kent ook een ongewijzigde looptijd t.w. van 1 oktober 2019 tot en met 30 september 2022)

Lonen

De lonen worden verhoogd per:

01-01-2021

1,50%

01-07-2021

€ 37,50 per maand (op fulltime basis)

Per 1 juli 2021 vindt er een loonaanpassing plaats van het loon van de a.s. 20-jarige

werknemers die het diploma BBL-2 gaan behalen of gaan studeren op het niveau BBL-3 t.w.

het salaris van de loonschaal D trede 0. Dit betekent dat de beloning (volgens de loonschaal

per 1 juli 2020) van € 2.271,21 wordt verlaagd naar € 2.151,80. Hiermee wordt een gelijke

beloning bereikt met de volwassen werknemer (vanaf 21 jaar) waarvoor ook loonschaal D trede 0 geldt. Bestaande rechten van genoemde BBL-ers die golden voor 1 juli 2021 blijven

gehandhaafd.

Toeslagen

De toeslag op het persoonlijke loopbaanontwikkelingsbudget over de bruto-waarde van eventueel door de werknemer ingeleverde, maximaal 5 ATV dagen, in ruil voor een persoonlijke loopbaanontwikkelingsbudget zal per 1 januari 2021 worden verhoogd naar 50% (was 25%).

De vergoeding kosten van de vakbondscontributie van de jaarlijkse kosten van de vakbondscontributie door de werkgever wordt, indien de vrije ruimte hiertoe geen ruimte meer zou geven, verhoogd van € 60 naar € 75 m.i.v. de eerstvolgende contributienota.

Arbeidsduur

Werknemers die na 1 januari 2021 de AOW gerechtigde leeftijd bereiken en in dienst zijn of blijven bij een werkgever kunnen geen aanspraak maken op vitaliteitsverlofdagen. Dit betreft zowel de vitaliteitverlofdagen mét eigen bijdrage als de vitaliteitsverlofdagen zonder eigen bijdrage (de zgn. ‘extraverlofdagen oudere werknemers’),

Werknemers die in dienst komen bij een andere werkgever in de Timmerindustrie hebben geen recht meer op eventuele eerder bij de andere werkgever verworven oude rechten op ‘extra verlofdagen oudere werknemer’ (=vitaliteitsverlofdagen zonder eigen bijdragen). Tenzij de werknemer met de eigen werkgever toch een individuele afspraak maakt zodat hij/zij aanspraak blijft maken op deze ‘extraverlofdagen oudere werknemer’ (vitaliteitsverlofdagen zonder eigen bijdrage).

Vervroegd uittreden

Binnen de ‘zware beroepen regeling Timmerindustrie’ krijgen werknemers die gebruik

maken van de regeling de mogelijkheid om vanaf het bereiken van de 65e jarige leeftijd te

stoppen met werken. In de periode waarin werknemer eerder stopt met werken ontvangt hij

een uitkering van €21.200,- bruto per jaar (op fulltime basis). Als in deze periode deelnemer

aan de regeling overlijdt dan wordt het bedrag uitgekeerd aan de partner.

De uitkering wordt geïndexeerd.

De zware beroepen regeling Timmerindustrie moet nog verder worden uitgewerkt. Op het

moment dat de regeling is vastgesteld kunnen werknemers deelnemen aan de regeling.

Aanvang van de deelname is onder voorwaarden mogelijk tot het einde van de regeling op

31 december 2025. De belangrijkste voorwaarden zijn:

  • Werknemer heeft de leeftijd van 65 jaar bereikt;

  • Werknemer is op 1 juli 2019 of op 1 januari 2020 in dienst bij een werkgever vallend

    onder de cao Timmerindustrie als bouwmontage of als productie medewerker;

  • Werknemer is direct voorafgaand aan het bereiken van de 65 jarige leeftijd tenminste

    20 jaar van de afgelopen 25 jaar werkzaam bij een werkgever vallende onder de

    werkingssfeer van de cao Timmerindustrie.

Werknemers kunnen, zoals nu ook al mogelijk is, besluiten om een deel van hun

ouderdomspensioen naar voren te halen om de uitkering uit de zware beroepen regeling aan

te vullen.

Bron: CNV, 09-12-2020